Beagle

Uiterlijk volgens rasstandaard (FCI-161) Een stevige, compacte hond die kwaliteit zonder grofheid toont.

Cairn Terriër

Uiterlijk volgens rasstandaard (FCI-4) Levendig, oplettend, met het natuurlijk voorkomen van een werkende hond. Moet goed over de voorbenen staan. Sterke achterhand. Diep in ribben, zeer vrij gangwerk, dubbele weerbestendige vacht.

Ceský Fousek

Uiterlijk volgens rasstandaard (FCI-245) De Cesky Fousek is een middelgrote, ruwharige, edele voorstaande hond, wiens verschijning kracht en uithoudingsvermogen uitstraalt. Het is een veelzijdig bruikbare hond die beschikt over aangeboren eigenschappen voor zowel veld, water en bosarbeid.

Heidewachtel (Kleine Münsterlander)

Uiterlijk volgens rasstandaard (FCI-102) Middelgrote, krachtige en harmonische lichaamsbouw, die bij veel adel en elegantie evenredige verhoudingen heeft. Adellijk hoofd. In opgeheven houding toont de hond vloeiende lichaamsbelijningen met een horizontaal gedragen staart. De voorbenen zijn goed bevederd, de achterbenen hebben broekbeharing, en de staart toont een duidelijke vlag. De glanzende beharing moet glad aanliggend tot licht golvend zijn, dicht en niet te lang. Bruin-wit of bruin-schimmel, met bruine platen, mantel en stippen. Het gangwerk is harmonisch en ruim uitgrijpend. Het totaalbeeld moet altijd de bruikbaarheid voor de jacht tonen.

Whippet

Uiterlijk volgens rasstandaard (FCI-162) Evenredige combinatie van spierkracht en sterkte met sierlijke, elegante belijning. Gebouwd voor snelheid en werk. Alle vormen van overdrijving dienen te worden vermeden.